No peanuts for you, mister

Ik ging naar een workshop voor kinder EHBO. Had ik altijd al eens willen doen maar het was er nooit van gekomen. En nu Mels bijna vier is en nauwelijks meer kan stikken in pinda’s en druiven besluit ik dan alsnog er eens wat tijd in te steken. Ik zie zelf ook de tegenstrijdigheid.

Maar ja, ik heb baby nichtjes en neefjes, en kindertjes van vriendinnen, en bovendien – het eerste feitje dat ik leerde op de avond kinderEHBO – kan mijn eigen kind ook nog heel prima stikken in een pinda. Pinda’s jongens, ik zal het maar meteen verklappen, kunnen voor een boel ellende zorgen. En wat doe je dan, als je kind ergens in dreigt te stikken? Je slaat met een vlakke hand op het ruggetje, dan op de borst, dan weer op het ruggetje, dit alles terwijl je het kind op één arm houdt en met je hand het gezichtje vastklemt.

“En waarom doen we dat?” vroeg de EHBO-dame. Ze keek ons doordringend aan. “Zodat je de ándere hand vrij hebt om te bellen, de deur open te doen voor de dokter, of..” Nu keek ze, ik wist het zeker, precies naar mij. “…om de hond in de badkamer te laten.”
Ik heb helemaal geen hond, wilde ik protesteren, maar ik was alweer afgeleid want je wilt toch weten wat je doen moet als de pinda zijn verwoestende werk dreigt te doen. In gedachten zag ik Mels zitten met een bak borrelnoten op schoot, zoals hij op het laatste feestje waar borrelnoten aanwezig waren had gezeten. Het ging van munch-munch, handjevol handjevol naar binnen. Maar eigenlijk mogen kinderen die hun rechterarm niet over hun hoofd kunnen leggen om met hun hand hun linkeroor aan te raken nog helemaal geen pinda’s eten. Echt. Ik liet Mels na afloop van de workshop meteen oefenen, en nee, dat handje kon nog niet bij dat oortje. “No peanuts for you, mister” zei ik, om de boodschap enigszins te verzachten.

Na het redden van verstikking kwam de reanimatie aan de beurt. De EHBO-dame had een AED bij zich en liet ons zien hoe je die aanzet en gebruikt. Ze adviseerde om dat ding altijd te pakken als je erbij kon, want ‘als het hart defibrilleert krijg je hem met reanimatie alleen niet meer op gang’. Oef, ik zag fragmenten van ER voorbij komen. Een van de deelnemers zei: “Dat ding pak ik niet hoor, ik ga gewoon door met reanimeren.”
Pardon? Ik wist niet dat je zulke dingen mocht zeggen tegen de juf.
“Dat zou ik niet doen” reageerde zij stellig. “Het kan het verschil tussen leven of dood zijn.”
“En toch pak ik dat ding niet” zei de man.
“Eh… als ik out ga..” fluisterde ik tegen mijn buurvrouw, en zij vulde aan: “…dan liever niet bij hem in de buurt”
“Meneer, neem nu maar van mij aan, pák dat ding.” De EHBO dame verhief haar stem enigszins om haar boodschap kracht bij te zetten.
“Nee, je kunt me nog meer vertellen, ik doe het niet.”
Inmiddels hoopten we allemaal dat ze snel door zou gaan met het volgende onderwerp, het was nou juist zo gezellig geweest.

Het laatste kwartier ging over brandwonden, mitella’s, brede en smalle dassen. Onze sjaals en vestjes werden erbij gehaald: daar konden we prima draagverbanden van maken. Vingers werden verbonden, hoofden omzwachteld. Ik staarde ernaar en besefte dat ik dat gewoon nooit zou doen; een brede das vouwen?? Wie herinnert zich zo’n origami-oefening als de nood aan de man komt?

Toen we uiteindelijk de zaal verlieten besefte ik dat ik me ook de stappen van de stabiele zijligging niet meer voor de geest kon halen.
Ik keek nog even naar de man die geen AED zou pakken; hij had tenminste een plán, en dat was meer dan je van mij kon zeggen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.