Boodschap

De laatste tijd laat ik Lauren soms voor een boodschapje naar de Tugra gaan. Dat is een Turkse supermarkt bij ons om de hoek, nog geen 200 meter lopen. Maar Rotterdam zou Rotterdam niet zijn als je toch niet drie keer over zou moeten steken voor je er was. Ik heb een tijd geaarzeld voor ik het aandurfde, maar ik weet hoe voorzichtig Lau is en hoeveel zelfvertrouwen ze krijgt van zo’n boodschapje. En dus mag ze af en toe iets gaan kopen.
Op een dag geef ik haar zeventig cent mee om bananen te gaan kopen. Uit het raam kijk ik haar na. Ze klemt de muntjes stevig in haar vuist en kijkt bij het oversteken heel voorzichtig van links naar rechts en weer naar links. Ik weet zeker dat ze voorzichtig is. Ik weet zeker dat er niets gebeurt.

Maar als ze de hoek om is. Als ik haar niet meer zie. Dan opent zich ineens een wereld aan mogelijkheden.
Stopt er een auto langs de stoeprand en vraagt de chauffeur of ze instapt.
Rijdt er een scooter tegen haar been en belandt ze midden op straat.
Draait ze de verkeerde kant op en weet ze de weg niet meer naar huis.

Als ze de hoek om is dan denk ik aan het jongetje van school, dat twee jaar geleden onderweg naar huis verongelukte. Het ene moment was hij er en het volgende moment was hij weg; ik zal het nooit vergeten. Een ongeluk is zo gebeurd. En al is de kans klein, als de kans op het ergste bestaat, zou je dan niet elk moment van de dag alles moeten doen om het ergste te voorkomen? Toch nog een poosje sámen naar de supermarkt gaan. Toch nog maar iets langer hand in hand gaan. Toch nog maar even niet alleen dat blokje om fietsen, Lau, blijf liever hier waar ik je zie.

De klok tikt door. Ik kijk weer uit het raam: komt ze al terug? Hoe lang duurt het om twee bananen te kopen? Ineens komt het me heel dwaas voor dat ik haar heb laten gaan. Ik zou het mezelf nooit vergeven als haar iets overkwam. Snel prop ik Mathis en Mels op de bank met een ipad en schiet mijn jas aan. “Ik ben er zo weer!” roep ik naar de jongens op de bank, die al in trance vastgezogen zitten aan het scherm. En net als ik twee stappen buiten heb gezet zie ik haar. Ze loopt rustig over de stoep. Haar ene vuist is nog steeds dichtgeklemd en in de ander houdt ze twee bananen. Ze kijkt verrast als ze me ziet. “Mama, wat doe je hier? Ik mocht toch alleen naar de winkel?”

“Ja…” stamel ik. “Maar ik dacht, ik weet niet, dat het misschien lang duurde en dat je de weg niet meer wist.”
Ze kijkt me een beetje meewarig aan. “Hier, kijk eens. Twéé bananen. En ze zitten nog aan elkaar vast. Ze lagen zo in het schap, ik hoefde ze niet van een tros te trekken, het zijn twee banaantjes die bij elkaar horen.”
Ze loopt me voorbij, terug naar binnen. “Goed gedaan he, mam?” roept ze nog.

Zul je voorzichtig zijn?
Ik weet wel dat je maar een
boodschap doet
hier om de hoek
en dat je niet gekleed bent voor
een lange reis.

Je kus is licht,
je blik gerust
en vredig zijn je hand en voet.

Maar achter deze hoek
een werelddeel,
achter dit ogenblik
een zee van tijd.

Zul je voorzichtig zijn?

Adriaan Morriën

  6 comments for “Boodschap

  1. Linda
    27 mei ’14 at 6:56

    Wat een mooi herkenbaar verhaal en wat heeft Lau geluk met zo’n mooie lieve bezorgde moeder

  2. Alice
    27 mei ’14 at 10:41

    Mooi geschreven, Door! En wat wordt ze al groot die Lau, alleen om een boodschapje…oef!

  3. Rianne
    27 mei ’14 at 13:47

    Mooi! In hele andere proporties herkenbaar, die afweging tussen vertrouwen geven en voor veiligheid zorgen… Heel lief beschreven.

  4. Els
    27 mei ’14 at 22:36

    Heel herkenbaar. Je zou ze het liefste bij je houden maar moet ze toch ooit gaan loslaten.

  5. Liesbeth
    28 mei ’14 at 15:08

    Prachtig!

  6. Jolien
    30 mei ’14 at 13:31

    Ach ja, moeilijk he? Ik heb er tranen van in mn ogen. Mooi geschreven!

Laat een reactie achter op Els Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.