Hoogachting

We schreven een brief aan prins WA met de vraag of hij ons lustrum zou komen openen. Voor we het epistel op de bus deden liepen collega M. en ik er kritisch doorheen. De aanhef veranderden we in ‘Zijne Koninklijke Hoogheid de prins van Oranje’. Hij werd ondertekend door maar liefst drie belangrijke personen binnen onze organisatie. En toch had ik er – om het maar eens Evangelisch te zeggen – geen geloof voor dat de prins zou toehappen.

Vandaag komt collega M. met glimmende oogjes naar me toe: ‘Dit is een brief van het koninklijk huis!’. Hij steekt mij de envelop toe die we samen gaan openen. ‘Dat is snel’ merk ik op, en vervolgens: ‘het moet wel een afwijzing zijn’. Hij trekt de brief uit de envelop. We scannen de inhoud, onze ogen blijven haken bij ‘het spijt hem ten zeerste’. Dus mijn vermoeden was juist en mijn gebrek aan geloof terecht. De brief is ondertekend met ‘gevoelens van de meeste hoogachting’.

‘Als je hier ergens een zwak gevoel hebt’ zegt collega M., terwijl hij rond zijn middenrif wrijft, ‘dan is dat een gevoel van meeste hoogachting.’ ‘Er zitten er drie op een rij hoor’ corrigeer ik hem. ‘Er staat niet voor niets gevoelens-s-s.’ Hij knikt ernstig. We nemen een minuut stilte in acht om de gevoelens van hoogachting te lokaliseren. Ja hoor, ze zitten er.

Het is overigens verbijsterend hoe snel deze gevoelens van hoogachting omslaan in gevoelens van complete walging op het moment dat ik een file van 15 kilometer inrijdt even buiten Utrecht. Zo’n beetje op dezelfde plek zitten ze, ergens rond het middenrif, en alleen een handje M&M’s kan de boel nog enigszins in balans trekken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.