Kssst

Het was avond, een uurtje of negen, toen de deurbel ging. Onze buurvrouw stond buiten: ‘Ik dacht, ik kom nog even langs, want hebben jullie nog aan de katten gedacht?’
‘Kom binnen’ zei Ak. We hadden niet meer aan de katten gedacht.

Onze buurvrouw zou een paar daagjes opgenomen worden in het ziekenhuis, en haar buren van de andere kant, die normaal altijd de katten doen als zij er niet is, waren op vakantie, en bij wijze van uitzondering had ze ons gevraagd om voor de beestjes te zorgen. Ik zeg bij wijze van uitzondering, omdat wij als enige van al onze buren op de begane grond geen katten hebben en er ook geen voorliefde voor de poezelige beesten op nahouden. Op zich heb ik geen hekel aan de dieren zelf, maar we zijn de afgelopen jaren steeds gestresster geworden door de hoeveelheid kattenpoep op ons grasveld en in de zandbak, en de hoeveelheid kattenharen op onze tuinkussens. Voordat de kinderen door de tuin kunnen rennen moeten we eerst kak scheppen – reken maar dat je daar niet vrolijk van wordt. Een goede oplossing hebben we nog niet gevonden. Wel allerlei tips gelezen: cacoadoppen strooien bijvoorbeeld, maar dat kan alleen in perkjes en alleen als de katten op een specifieke plek poepen, en bij ons zitten ze overal want het zijn er miljard. Koffiedik strooien: met een tuin van 140 vierkante meter moet je wel erg veel koffie drinken om dat bij te houden. Er bestaat ook een stinkend goedje waar katten niet van houden, hertshoornolie, maar dat schijnt echt zo vreselijk te meuren dat ook je vrienden en familie niet meer bij je in de tuin willen zitten. Ik heb zelfs gelezen dat als je een tandenborstel gebruikt om de olie te verspreiden de haren van die borstel er de volgende dag af liggen. En als je het aan je vingers krijgt wil het wekenlang niet weg. Kortom, geen optie.

Dus nu zeggen we ‘Ksssst’. That’s it. En de kinderen doen mee. Het gebeurt vaak genoeg dat Mathis midden in zijn spel naar de tuindeur rent en slissend roept ‘Ksssst’. Lauren draait vlot de sleutel om als ze een kat in de tuin ziet en gooit de deur wagenwijd open. Ze spert haar mondje open: KSSSSST! en weg zijn ze.

Om drie seconden later weer terug te keren, helaas. ‘Kssst’ is niet de meest duurzame methode om katten weg te jagen.

‘Het zijn echt schuwe beestjes’ zei de buurvrouw. ‘Je weet wel wie wie is toch?’ Ak bewoog zijn hoofd met een glazige blik. Hij had geen idee. ‘Die met het rode zakdoekje en roze halsbandje is A., en die met het gele halsbandje is C.’ We knikten gehoorzaam. ‘En als ze echt honger hebben laten ze zich wel aaien hoor!’ Met een glimlachje voegde ze eraan toe: ‘De andere buurvrouw plaagt ze altijd een beetje, die geeft ze pas eten als ze zich eerst hebben laten aaien’. Kattenliefhebbershumor. ‘En je kan me bellen als er wat is, geen probleem hoor!’

Toen ze weer weg was trok ik mijn meest teleurgestelde blik. ‘Ak, ik weet niet of je het weet, maar een zwangere vrouw mag dus echt geen kattenbak verschonen’.

  7 comments for “Kssst

  1. Ronney
    16 aug ’11 at 23:39

    Hey Ak, een kat per ongeluk onder een auto laten komen lijkt me bij dergelijke door de wol geverfde kattenliefhebbers geen optie: die kopen er uit troost dubbel zoveel terug… En subtiele tips kan ik ook niet vrrzinnen, dus tsjah… Succes Ak!!

  2. Aafke
    17 aug ’11 at 12:28

    Weet je wat goed helpt? Zelf een kat nemen! Die houdt andere katten uit de tuin en heeft zelf geleerd om op de kattenbak te poepen. Helaas is onze kat half juli overleden, maar vrijdag gaan wij onze kitten Saartje ophalen! Dus het komt helemaal goed met onze tuin!

  3. Janneke
    17 aug ’11 at 22:17

    Wat Aafke zegt! Dat wilde ik ook zeggen. Zelf een kat nemen is eigenlijk de enige oplossing hebben wij ervaren. Maar ja, dan moet je het wel zien zitten, een kat als huisdier.
    Wij hadden in Zwolle, toen we dus geen kat hadden (nu trouwens ook niet meer, want de onze is ook dood), het zelfs zo gek gemaakt dat we om de vijf centimeter een grote satestok in de grond gestoken hadden…de katten van de buren poepten er heel wonderlijk gewoon omheen. Dat helpt dus ook niet.

    Groetjes!

  4. Dorieke
    17 aug ’11 at 22:32

    Hm, ik ben een beetje allergisch voor kattenharen, maar misschien zou zo’n naaktkat nog een optie zijn, die zien er als extra bonus ook nog ’s angstaanjagend uit; dan moeten de buurkatten wel wegblijven!

    Dat die sateprikkers niet hielpen trouwens, dat valt toch tegen, het klinkt als een heel effectieve methode!

  5. Alice
    18 aug ’11 at 8:58

    Jaiks, een naaktkat…of sowieso jaiks een kat! Door, ik hoop niet dat je deze optie serieus overweegt. Je bent niet een beetje allergisch voor kattenharen je bent extreem allergisch voor kattenharen! Twee minuten op 1 van jullie kattenbehaarde tuinkussens zitten is voor jou al rode oogjes en jeuk. Dus nee. Doe maar niet!

  6. Rianne
    18 aug ’11 at 11:00

    Een naaktkat…. is dat zo’n kat die koffiebonen eet en dan uitpoept, waar dan weer kopjes koffie van worden gezet die een paar honderd euro kosten?

  7. jos
    19 aug ’11 at 22:39

    een naaktkat heet een sphinx. Je kunt via internet wel aan een kitten komen. Wij hebben ons nieuwe katje net opgehaald. Erg gezellig.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.