‘Moet ik iets speciaal aantrekken?’ vraag ik aan Axel terwijl ik aarzelend voor de kast sta. ‘Nee joh’ reageert hij verbaasd, ‘jij hoeft toch de flamenco niet te dansen’. Ja, dat is ook wel weer zo. Gewoon een stoere broek dus maar met gympen.
Even later zit ik met mijn sportieve outfit in de auto naar de flamenco-uitvoering van een Argentijnse vriendin. Het is prachtig zonnig weer, helemaal geschikt voor wat Zuid-Amerikaanse passie. In een handomdraai zoals ik dat tegenwoordig kan parkeer ik de auto. Weliswaar met een wiel op de stoep, maar een kniesoor die daar op let.
Als ik naar de locatie van de uitvoering loop valt het me toch op dat veel mensen er flamenco-achtig uitzien. Ze dragen rood en zwart, een bloem in het haar, schoentjes met hakjes. In de zaal is het nog erger. Het is zelfs zo dat ik een beetje opval met mijn stoere broek. Om mijn ongemak te verbergen duik ik met mijn neus in het programmaboekje. Ik zit ook nog in m’n eentje. Niet dat ik daar normaal moeite mee heb, maar zoals het spreekwoord zegt: ben je alleen, dan liever geen buitenbeen. Nou ja, het zou een spreekwoord kunnen zijn. In het programmaboekje ontdek ik dat er binnen de drie uur durende voorstelling twee keer een workshop flamenco wordt gegeven. Een bloem in het haar zou nu wel welkom zijn.
In de pauze krijg ik even de ademloze vriendin te spreken. Ze staat te stuiteren van enthousiasme. Ik vond haar de beste en de knapste van allemaal. ‘Is het eten gratis?’ vraag ik zodra dat met goed fatsoen kan en het niet te Hollands overkomt. Er staan namelijk heerlijke tapas te dampen aan het buffet. ‘Ja hoor, dat denk ik wel’ is het achteloze antwoord en ik begin aan een rij van twintig minuten. Eenmaal bij het punt van uitgifte aangekomen vallen me de kleine etiketjes met prijzen op. ‘Moet je voor het eten betalen?’ vraag ik aan het meisje dat met vier grote garnalen klaarstaat. ‘Dat kan bij de meneer op de hoek’ antwoord ze, en ik moet razendsnel een manier vinden om zonder gezichtsverlies uit die rij te komen. Ik zou best willen betalen voor het eten, maar ik heb geen geld bij me! Zonder gezichtsverlies lukt het niet, maar ik weet wel te ontsnappen en vind zelfs nog een verdroogd fishermensfriendje in mijn zak. Toch iets om op te kauwen.